Je beste vriend aan boord? De neutraalstand.
Je beste vriend aan boord is misschien wel dat kleine hendeltje naast je stuur. Nee, niet je boegschroef. Niet je vrouw. En ook niet die ene buurman die vanaf de steiger altijd precies weet hoe jij moet aanmeren.
Je kent hem wel. Die staat met zijn handen in zijn zakken te kijken en roept op het laatste moment: “BEETJE ACHTERUIT!” Bedankt, Henk. š
Nee, ik heb het over iets veel simpelers: de neutraalstand van je gashendel. Oftewel: zet dat ding eens wat vaker in z’n vrij!
Het klinkt bijna te eenvoudig om er een heel verhaal over te schrijven. Maar geloof me, tijdens mijn praktijkvaarlessen in Heusden zie ik regelmatig hoeveel verschil dat ene kleine tikje kan maken.
Waarom aanmeren soms ineens zo spannend wordt
Stel je voor. Je vaart rustig met je motorboot richting een steiger. Zonnetje erbij, beetje wind, alles onder controle. Totdat die steiger dichterbij komt. En dichterbij. En nóg dichterbij.
Dan begint het. “Ronald, moet ik nu sturen?” “Moet ik achteruit?” “Of eerst rechtdoor?” “RONALD?!”
En ondertussen staat de gashendel nog steeds in zijn vooruit. Niet hard hoor, gewoon stationair. Maar ook bij stationair toerental blijft de schroef draaien en de boot vooruitduwen. Dus terwijl jij nadenkt over je volgende handeling, komt die steiger gezellig steeds dichterbij.
Het resultaat? Klotsende oksels. Een hartslag waar je sporthorloge spontaan van in paniek raakt. En iemand op het voordek die ineens begint te roepen: “ACHTERUIT! ACHTERUIT!” Gezellig hoor, zo’n dagje ontspannen varen. š
En weet je wat ik dan vaak zeg? “Zet hem eens in z’n vrij.” Meer niet.
Een motorboot remt niet zoals een auto
Veel beginnende schippers maken tijdens het manoeuvreren dezelfde fout: ze blijven te lang in hun vooruit varen. Niet omdat ze hard willen varen, maar omdat ze denken dat de boot anders niet meer bestuurbaar is. Dat is begrijpelijk. Alleen werkt een boot anders dan een auto.
Wanneer je bij een auto het gas loslaat, neemt de snelheid meestal vrij snel af. Een boot heeft geen banden die over het asfalt rollen, en ook geen rempedaal. Een boot glijdt door het water. Zeker een wat zwaardere motorboot kan nog behoorlijk lang doorvaren nadat je de gashendel in zijn neutraalstand hebt gezet. Die denkt gewoon: ach joh, we waren toch lekker onderweg? š
En precies van dat doordrijven kun je gebruikmaken. Want je hoeft niet voortdurend gas te geven om vooruit te blijven komen. Soms heeft je boot al genoeg snelheid.
De neutraalstand geeft je iets wat je tijdens het aanmeren hard nodig hebt: tijd
En dat is misschien wel het grootste voordeel. Wanneer je tijdens het aanmeren op tijd naar neutraal schakelt, blijft je boot nog even doorlopen. Maar hij wordt niet meer voortdurend door de schroef vooruitgeduwd. Daardoor neemt de snelheid geleidelijk af.
En ineens krijg je ruimte om rustig te kijken. Wat doet de wind? Hoe beweegt de achterkant van mijn boot? Hoe ver ben ik nog van de steiger? Heb ik nog voldoende snelheid om te sturen? Moet ik eigenlijk wel iets doen? Of kan ik nog even wachten?
Dat laatste is voor veel mensen verrassend moeilijk. Niks doen. š Want zodra het spannend wordt, krijgen we de neiging om overal aan te zitten. Stuur links. Stuur rechts. Beetje gas. Toch achteruit. Nee, vooruit. En ondertussen vraag je je af waarom die boot niet gewoon doet wat jij wilt. Misschien omdat je hem nog geen halve seconde de kans hebt gegeven om iets te laten zien.
Maar let op: neutraal is geen wondermiddel
Nu moet ik er wel iets bij vertellen. Want anders zie ik straks overal boten zonder aandrijving door de haven drijven en krijg ik de schuld. š
Een boot in zijn vrij zetten betekent niet dat je altijd de controle houdt. Je hebt voldoende vaart nodig om te kunnen sturen. Hoeveel precies, verschilt per boot. Een zware stalen motorboot reageert anders dan een lichte polyester boot. Ook wind en stroming spelen mee. En sommige boten hebben bij lage snelheid juist even schroefwater langs het roer nodig om goed te kunnen sturen.
Wanneer je te langzaam vaart, kan de wind je boot gemakkelijk opzij zetten. En bij stroming moet je ook rekening houden met de beweging van het water. Daarom is rustig manoeuvreren niet hetzelfde als zo langzaam mogelijk varen. Het gaat erom dat je leert voelen hoeveel snelheid jouw boot nodig heeft, en wanneer je die snelheid even kunt laten afnemen. Daar zit een wereld van verschil tussen.
Rustig manoeuvreren: vooruit, neutraal, kijken
Tijdens mijn vaarlessen oefenen we dit regelmatig. Niet met ingewikkelde theorie, gewoon op het water. Een beetje vooruit. Neutraal. Boot laten lopen. Kijken wat er gebeurt. Weer een klein tikje vooruit als dat nodig is. Opnieuw neutraal. En wanneer de situatie daarom vraagt, rustig achteruit.
Het lijkt misschien een beetje op varen met de handrem erop. Alleen hebben we die dus niet. š
Het mooie is dat je vanuit de neutraalstand maar één handeling verwijderd bent van vooruit of achteruit. Dat geeft overzicht. En het is ook prettiger voor je keerkoppeling dan vanuit vooruit gehaast rechtstreeks naar achteruit schakelen terwijl de schroef nog belast wordt. Laat de motor rustig stationair draaien, schakel bewust door neutraal en geef de koppeling de tijd om te reageren.
Hoe je precies moet schakelen, hangt natuurlijk ook af van de aandrijving en de voorschriften van jouw boot. Maar dat rustige bedienen? Daar wordt vrijwel iedere boot blijer van. En de schipper meestal ook.
Waarom ervaren schippers hier óók iets aan hebben
Soms krijg ik mensen aan boord die al twintig of dertig jaar varen. Die kunnen prima met hun boot overweg. Maar tijdens het manoeuvreren zie ik toch dat ze de gashendel bijna voortdurend in de versnelling laten staan. Niet omdat ze het verkeerd hebben geleerd, maar omdat het een gewoonte is geworden.
En gewoontes zijn grappige dingen. Je denkt er niet meer over na, je doet het gewoon. Totdat iemand naast je zegt: “Probeer het eens anders.” Dan varen we dezelfde situatie nog een keer. Alleen zetten we de boot nu eerder in zijn vrij. En ineens hoor ik: “Hé… wacht eens. Dit is veel makkelijker!” Ja. Dat bedoelde ik dus. š
En dat is precies waarom ik vaarles geven zo leuk vind. Niet omdat ik iemand honderd keer kan vertellen hoe iets moet, maar omdat ik zie wat er gebeurt wanneer iemand het zelf ontdekt.
Je kunt varen niet alleen uit een boek leren
Weet je nog toen je autorijles had? In het begin moest je overal over nadenken. Koppeling intrappen, schakelen, spiegels, richting aangeven, sturen. En ondertussen ook nog opletten dat je niet tegen een lantaarnpaal reed. Best een drukke bezigheid. Maar na een tijdje ging het vanzelf.
Met varen werkt dat ook zo. In het begin denk je misschien nog: moet mijn roer nu naar links of rechts? Wat doet mijn achterkant? Moet ik vooruit of achteruit schakelen? En wat doet de wind eigenlijk? Dat is helemaal niet erg. Je bent iets aan het leren. Maar juist zolang die handelingen nog niet vanzelf gaan, is het prettig wanneer je jezelf wat extra tijd geeft. En daar kan die neutraalstand je enorm bij helpen.
Ik kan het honderd keer uitleggen. Je kunt er tien boeken over lezen. Of een veel te lang verhaal van Kapitein Koek op internet vinden. š Maar uiteindelijk moet je het zelf voelen. Want pas wanneer je merkt hoe jouw boot reageert, begint het echt te leven.
Een rustige kapitein maakt een rustige boot
Dit vind ik misschien nog wel het mooiste om te zien tijdens een vaarles. In het begin staat iemand vaak behoorlijk gespannen achter het roer. Schouders omhoog. Handen stevig om het stuur. Ogen op de steiger. En bij iedere beweging van de boot wordt er meteen gecorrigeerd.
Maar na een tijdje verandert er iets. De schouders zakken. Er wordt minder gestuurd. De gashendel gaat vaker in zijn vrij. Er wordt eerst gekeken voordat er iets gebeurt. En ineens ligt die boot gewoon netjes langs de steiger. Zonder geschreeuw. Zonder paniek. Zonder dat iemand op het voordek zijn laatste levensjaren aan zich voorbij heeft zien trekken. Ook weleens prettig voor de bemanning. š
Want hoe rustiger jij achter het roer staat, hoe rustiger het vaak aan boord wordt. Mensen merken dat je de situatie overziet, dat je weet wat je doet en dat je niet voortdurend hoeft te corrigeren. Dat geeft vertrouwen. Bij jezelf én bij de mensen die met je meevaren.
Probeer het eens met je eigen boot
Heb je zelf een motorboot? Probeer dan tijdens je volgende vaartocht eens bewust te ontdekken hoe jouw boot reageert wanneer je hem in zijn vrij zet. Doe dat op ruim, veilig water, zonder obstakels, met weinig wind en stroming. Geef je boot rustig wat snelheid. Schakel naar neutraal. En kijk.
Hoe lang blijft hij doorvaren? Wanneer begint hij minder goed op het roer te reageren? Wat doet de wind? Hoeveel tijd heb je eigenlijk voordat je opnieuw een beetje gas moet geven? Misschien ontdek je iets wat je nog nooit bewust hebt gevoeld. Ook al vaar je al jaren.
En probeer het daarna eens tijdens het rustig manoeuvreren, wanneer de omstandigheden en de beschikbare ruimte dat toelaten. Niet omdat neutraal altijd de oplossing is, maar omdat je leert wanneer je de aandrijving even niet nodig hebt. Je leert je boot kennen. En dat is uiteindelijk veel belangrijker dan één handig trucje.
Soms moet je even in je vrij om verder te komen
Grappig eigenlijk. We denken vaak dat we voortdurend iets moeten doen om vooruit te komen. Gas geven. Sturen. Bijsturen. Nog een beetje harder werken. Terwijl je op een boot soms ontdekt dat het precies andersom werkt. Je hoeft niet altijd gas te geven om vooruit te komen. Soms krijg je juist meer ruimte door even in je vrij te staan.
Op het water werkt dat prachtig. En daarbuiten misschien ook wel. Al moet ik eerlijk toegeven… zelf vergeet ik die neutraalstand ook nog weleens. š Maar ja, ik ben dan ook nog niet afgeleerd. Gelukkig maar.
Zelf eens ervaren hoe rustig manoeuvreren kan zijn?
Bij De Bootjes van Verkade in Heusden geef ik praktijkvaarlessen op een motorboot. We oefenen onder andere met aanmeren, wegvaren, vooruit- en achteruitvaren, manoeuvreren en omgaan met wind. Of je nu net begint met varen of al jaren een eigen boot hebt.
Je krijgt het roer. Ik zit ernaast. We proberen iets, kijken wat er gebeurt en doen het eventueel nog een keer. Net zolang tot je zelf begint te voelen wat je boot doet.
En mocht het even spannend worden? Dan hebben we altijd nog die neutraalstand. En Verkadekoekjes. Die laatste helpen overigens vooral tegen de honger. ššŖ
Jij krijgt het roer. Ik zit ernaast.
Ahoy, Ronald Verkade – Kapitein Koek
Reactie plaatsen
Reacties